Moderne Letterkunde 2018-2019

Periode 2

  1. Tachtigers, Paul van Ostaijen
  2. Modernistische stromingen
  3. Neoromantiek, Forum, Freud
  4. Existentialisme, Vijftigers
  5. Maatschappelijke ontwikkelingen, Ezelsproces
  6. Zestigers
  7. Hermetische gedichten, Light verse

Periode 3

Werkcolleges over deze boeken:

  • Nescio: De uitvreter, Titaantjes, Dichtertje (1918)
  • Hendrik Marsman: Verzen (1920)*
  • C. Bloem: Het verlangen (1921)*
  • Martinus Nijhoff: Nieuwe gedichten (1934)*
  • Simon Vestdijk: Meneer Vissers hellevaart (1936)
  • Vasalis: Parken en woestijnen (1940)
  • Gerard Reve: De avonden (1947)
  • Hella S. Haasse: Oeroeg (1948)
  • Louis Paul Boon: Menuet (1948)
  • Lucebert: Apocrief/De analphabetische naam (1952)
  • Hugo Claus: Een bruid in de morgen (1955)
  • Ivo Michiels: Het afscheid (1957)
  • F. Hermans: De donkere kamer van Damokles (1958)
  • Jan Wolkers: Kort Amerikaans (1962)
  • Rutger Kopland: Het orgeltje van Yesterday (1968)
  • Harry Mulisch: Twee vrouwen (1975)
  • Frans Kellendonk: Bouwval (1977)
  • Karel van het Reve: Uren met Henk Broekhuis (1978)
  • Schippers: Een leeuwerik boven een weiland (1980)
  • Tom Lanoye: Hanestaart (1990)

*) Deze bundels zijn los moeilijk te verkrijgen, maar ze staan ook in de verzamelde gedichten van deze dichters.

Opdracht Moderne Letterkunde

Maak een groepje van 3 of 4 studenten. Je gaat een onderzoek doen naar een onderdeel uit de Nederlandse literatuur van de twintigste eeuw. Zo’n onderzoek gaat aan de hand van een onderzoeksvraag. Bedenk een onderzoeksvraag. De onderliggende hoofdvraag is ‘Wat is literatuur?’, maar die vraag mag je niet stellen. Kies voor je product een van de onderstaande vragen (of verzin zelf zo’n soort vraag) en splits die vraag uit naar zoveel mogelijk deelvragen.

  • Wat is de beste modernistische dichtbundel?
  • Hoe belangrijk is Freud in de Nederlandse literatuur?
  • Welke roman kunnen we ‘de Nederlandse Ulysses’ noemen?
  • Wat is de beste boekverfilming?
  • Waar gaan de kubistische verzen van Theo van Doesburg / I.K. Bonset over?
  • Waarom wordt Vestdijk niet meer gelezen (en is dat erg?)?
  • Waarom is Werther Nieland een beter boek dan De avonden?
  • Wat is het verschil tussen het expressionisme van Marsman en het expressionisme van Lucbert?
  • Waarom moet iedereen Ivo Michiels lezen?
  • Is een freudiaanse benadering de beste benadering voor twintigste-eeuwse literatuur?
  • Waarom is K. Schippers niet gewoon een dadaïst?
  • Is Vasalis niet een soort echo van Bloem?
  • Waarom waren Ter Braak en Du Perron pro-Nescio?
  • Waarom waren Ter Braak en Du Perron anti-Nijhoff?
  • Welke intertekstuele echo’s hoor je in Hanestaart?
  • Is Menuet het beste existentialistische boek uit de Nederlandse literatuur?
  • Welk godsbeeld spreekt er uit de gedichten van Gerard Reve?
  • Is Twee vrouwen wel of geen feministische roman?
  • Waarom hoort Drs. P niet tot de canon?
  • Welke plaats had Jan Wolkers in de protestcultuur van de jaren 60?
  • Waarover gaat Bouwval nou eigenlijk echt?
  • Hoort Anna Blaman niet op de lijst van te lezen werken?
  • Vasalis en Kopland waren allebei psychiater. Kun je dat zien aan hun gedichten?
  • Was Nijhoff een vormvaste dichter?
  • Is neoromantiek wel of geen modernistische stroming?
  • Is Nooit meer slapen een betere Hermans dan De donkere kamer van Damokles?
  • Waarom worden de protestliederen uit de jaren 60 niet tot de literatuur gerekend?

Uit je onderzoeksvraag komt een soort onderzoeksverslag. Maar je verslag mag geen standaard scriptie of posterpresentatie zijn. Hoe breng je dan wel je de uitkomsten van je onderzoek onder de aandacht?

  • Een tv-documentaire over een boek. Een soort Andere tijden.
  • Een essaybundel over een literaire stroming.
  • Een talk show in een theatertje.
  • Een tentoonstelling over een schrijver. Bijvoorbeeld in een bibliotheek.
  • Een stadswandeling over poëzie en architectuur.
  • Een congres over de overeenkomsten tussen een literaire en beeldende stroming.
  • Een literaire middag in een bejaardentehuis.
  • Een tentoonstelling in een galerie of kunstruimte.
  • Een jazzconcert met de poëzie van Lucebert als uitgangspunt.
  • Een opname van Twee voor Twaalf met louter literaire vragen.
  • Een route van poëzie op straat met krijtspray.
  • Een live-DWDD ter ere van een schrijver.
  • ……

Sommige producten zijn te licht / te slap. Een wordpress-site over een schrijver bijvoorbeeld. Of op amateuristische wijze een verhaal nagespeeld. Of een fotoroman met Playmobilpoppetjes. Dat soort dingen kunnen ze in 3 havo ook. Een website ter ondersteuning of ter herinnering aan je product mag uiteraard wel!

Kies voor je onderzoek en product een boek of een schrijver uit de lijst van gelezen werken.

Betrek zo veel en zo goed mogelijk mensen van buiten. Interview een hoogleraar voor je documentaire, vraag je voormalig docent Nederlands een essay te schrijven voor je bundel, charter een acteur voor de poëziewandeling, vraag een paar musici van de rockacademie voor het jazz-concert, dat soort dingen.

Je product moet openbaar toegankelijk / te verkrijgen zijn. Het zou mooi zijn als er veel mensen kennis van nemen, vandaar dat je ook een persbericht moet schrijven om publiciteit te genereren. Stuur je persbericht naar media die interesse hebben in kleinschalig nieuws, zoals huis-aan-huisbladen, Omroep Brabant, Hart van Nederland.

Je product moet origineel (uniek) zijn, authentiek (geloofwaardig) en creatief (vernieuwend). Daarnaast moet er ook uit blijken wat de visie op literatuur is. Je gebruikt primaire bronnen en secundaire bronnen, je bent bovendien kritisch op je bronnen. Bovendien zul je moeten laten merken dat je de juiste terminologie kent en dat je je onderwerp expliciet aan andere stromingen uit de twintigste eeuw relateert. Voor de buitenstaander is je product informatief.

Je product wordt beoordeeld aan de hand van dit beoordelingsschema.

Comments are closed.