Muziek-column

Vanaf 23 september 2011 tot en met 19 januari 2012 had ik een minicolumn over muziek bij het radioprogramma Eat This op Omroep Drimmelen. De titel van de minicolumn is ‘Kras op de plaat van Bas’ en dit is de jingle.

19 januari 2012: Het, ‘Kejje nagaan’. Bestaat er Nederlandstalige alt-rock? Ik pijnig nu thans heden op dit moment mijn hersenen, maar ik kan niets verzinnen – hetgeen niet wil zeggen dat het niet bestaat. Ik ken wel Nederlandstalige beatmuziek uit de jaren ’60 (van de twintigste eeuw), met de band Het als absolute topper op dat gebied. ‘Kejje nagaan’ heeft een lekker sloom tempo en een heerlijk ironische tekst. Popliedjes waar gebakken eieren in voor komen, daar zijn er niet veel van.

12 januari 2012: dEUS, ‘Suds & soda’. Wat is dEUS toch een flutband, werkelijk helemaal niets aan. Ze hebben maar één goed liedje gemaakt: ‘Suds & soda’. Dat liedje is dan meteen zó goed, zo briljant, zo helemaal knasti – ik wou dat ík zo’n kunstwerk kon maken. Maar ja, ik kom niet verder dan een mini-column hier in dit radioprogramma, ik ben geen genie. Alleen een genie kan iets maken als ‘Suds & soda’. dEUS is inderdaad een geniale band.

5 januari 2012: The Church, ‘Under the milky way’. Eén van de beroerdste instrumenten in de popmuziek is de doedelzak. Voeg een doedelzakspeler toe aan je band en je klinkt als BZN. Ook al speel je death metal uit de diepste krochten van de hel, een doedelzak erbij en je bent ineens Jan Keizer en Anny Schilder. De doedelzak is altijd een slecht idee. Er is één uitzondering: The Church met ‘Under the milky way’, daar gaat het nét wel goed.

8 december 2011: Funkadelic, ‘Maggot brain’. In de kroeg is het altijd leuk om te praten over de beste dit en de beste dat. Wie is de beste zanger? Welke basloop is de beste ooit? Wat is de beste gitaarrif? Welk liedje heeft het beste ritme? En: wat is de beste gitaarsolo? Die vraag wordt onder muziekliefhebbers misschien wel het vaakst gesteld. Mijn antwoord is dan altijd simpel: Eddie Hazels tien minuten durende solo (die geen seconde verveelt) van ‘Maggot brain’ van Funkadelic.

2 december 2011: The Waterboys, ‘A girl called Johnny’. In 1969 bracht Johnny Cash ‘A boy named Sue’ uit, geen slecht nummer, ook voor wie niet zo van country houdt. Tekstueel is het zelfs een erg goed liedje: grappig, met een zure ondertoon. Het duurde echter tot 1983 voordat de tegenhanger uitkwam, een liedje over een meisje met een jongensnaam. De tekst is een heel stuk minder dan die van Cash, maar de muziek is echt beter. Ik heb het dan over ‘A girl called Johnny’ van The Waterboys.

24 november 2011: Gary Numan, ‘Are friends electric?’. Synthesizers hebben de naam koud en kil te zijn, of juist commercieel poppy. Maar soms hoor je een liedje waarin de elektronische muziekinstrumenten zwaar klinken: ‘Are friends electric?’ van Gary Numan’s band Tubeway Army. Dreigend dreunende klanken komen sloom op je af. Het is de afwisseling van de lage bastonen en het hoge synth-gepiep die ‘Are friends electric?’ juist géén stereotype toetsenliedje maakt. Voeg er een overstuurde gitaar bij en het bewijs dat synthpop heavy kan klinken is compleet.

17 november 2011: The Cure, ‘Why can’t I be you’. In 1890 schreef Herman Gorter ‘Zie je ik hou van je / ik vin je zo lief en zo licht / je ogen zijn zo vol licht, / ik hou van je, ik hou van je.’ Een prachtig gedicht. De derde strofe begint met: ‘Zie je ik wou graag zijn / jou, maar het kan niet zijn,’ In 1987 kwam The Cure met ‘Why can’t I be you?’ – hetzelfde thema, maar dan toch lekker bijna 100 jaar later.

11 november 2011: Iggy & The Stooges, ‘I wanna be your dog’. In ‘Ne me quitte pas’ zingt Jacques Brel dat hij wel de schaduw van de hond van zijn geliefde wil zijn, een heftige metafoor in een ontroerend liedje. Brel gaat wel heel ver om bij zijn geliefde te zijn. Iggy & The Stooges gaan niet zo ver, gewoon de hond te zijn, is al heftig genoeg. ‘I wanna be your dog’ is echter geen ontroerend, maar een ruig liedje. Het is punk van voor de punk.

4 november 2011: Propaganda, ‘Duel’. Begin jaren ’80 van de 20e eeuw was Trevor Horn dé muziekproducer die ertoe deed. Hij was de man achter The Art of Noise en Franky Goes to Hollywood. Iedere release van Horn was een muzikale belevenis. In 1985 kwam ‘Duel’ van Propaganda uit, ook een Horn-productie, uiteraard een internationale hit. Of dit liedje eeuwigheidswaarde heeft, weet ik niet, maar het is de sound van een tijdperk. Als ik het hoor, word ik teruggeflitst naar 1985.

27 oktober 2011: Soundgarden, ‘Black hole sun’. Volgens Wikipedia is een ballad ‘een melodieuze popsong, vaak met een intieme sfeer. De teksten gaan meestal over liefde.’ Is deze zoetsappige definitie ook van toepassing op ‘Black hole sun’? Melodieus? Check – gitaarherrie kan ook melodieus zijn. Intiem? Check – gitaarherrie kan ook intiem zijn. Liefde? Check – gitaarherrie kan ook over liefde gaan. Hiermee is dus een misverstand aan het licht gebracht: grunge is niet stoer en ruig, grunge is gewoon zoetsappig.

20 oktober 2011: The Human League, ‘Fascination’. Vroeger had je singletjes op vinyl. Die plaatjes hadden een groot gat in het midden, zodat je een adapter op je pick up moest gebruiken. Deed je dat niet, dan was de kans groot dat de muziek begon te jengelen – niet om aan te horen. Maar kan dit effect niet gebruikt worden in de muziek zelf? Jazeker, geïnspireerd door dit gejengel maakte The Human League ‘Fascination’. Dat die synthesizers zo vreemd klinken, ligt dus niet aan uw radio.

13 oktober 2011: Pavement, ‘The killing moon’. Ik ben niet zo gek op Echo & The Bunnymen, maar wie zo’n prachtig liedje als ‘Killing moon’ maakt, hoeft niet veel meer te doen. De rest van je oeuvre is daarmee sowieso overbodig geworden. Vergeet alles van Echo, op ‘Killing moon’ na. De vraag is of dit liedje verbeterd kan worden. Het antwoord is ja. Luister naar hoe Pavement dit nummer covert. Echo & The Bunnymen kunnen niet anders dan gepast zwijgen.

7 oktober 2011: Pixies, ‘Debaser’. Kurt Cobain (van Nirvana, voor degenen die de afgelopen twintig jaar onder een steen hebben gewoond) was een bewonderaar van Pixies, dat is geen geheim, niet eens een publiek geheim. Zo is de structuur van ‘Smells like teen spirit’ gebaseerd op ‘Debaser’: de afwisseling van rustige stukken met vuige gitaarherrie komt verrassend overeen. En er is nog iets, want ‘Smells like teen spirit’ begint waar ‘Debaser’ eindigt. Luister maar eens naar die gitaarrif en je hoort het meteen.

30 september 2011: Duran Duran, ‘Girls on film’. Hennes & Mauritz heeft een wat curieuze muziekkeuze gemaakt voor de huidige reclame-campagne. ‘Girls on film’ van Duran Duran. Dit is niet het bekendste liedje van deze band, want dat zou eerder ‘The reflex’ zijn, of ‘Notorious’. Toch heeft ‘Girls on film’ naam gemaakt – als schandalig liedje. Althans, het liedje was niet zo schandalig, als wel de videoclip. Bekijk de ‘night version’ ervan op Youtube en je zult bijna begrijpen waarom. De muziek is er niet minder om.

23 september 2011: David Bowie, ‘Boys keep swinging’. ‘Boys keep swinging’ is een atypisch popliedje, want het ontrekt zich aan de wetten van die liedjes. Normaal zit de gitaarsolo in de tweede helft van het liedje ergens tussen een couplet en het refrein in. Wat doet Bowie? Hij zet de solo aan het eind. Alsof de zanger geen zin meer had en de studio uitgelopen is. Een rare manier om een liedje te eindigen, maar ja: Bowie is raar. Dat maakt hem en ‘Boys’ uniek.

Comments are closed.