Een nieuw avontuur van koning Willem-Alexander

Schilderij van Urban Larsson

Koning Willem-Alexander zat op zijn troon en hij keek rond. De muren van zijn troonzaal waren leeg en wit. Ooit had de koning geschiedenis gestudeerd en daar had hij geleerd dat koningen hun zalen lieten versieren door kunstenaars. Dat wilde hij ook. Maar hij kende geen kunstenaars.

Verveeld bladerde hij in de Privé. Ineens zag hij een artikel over Jan des Bouvrie, een ontwerper. ‘Een ontwerper is ook een soort kunstenaar,’ mompelde de koning bij zichzelf. Hij liet Jan des Bouvrie komen en gaf hem de opdracht de troonzaal te versieren met grootse kunst.

‘Dat is geen probleem, majesteit,’ zei Jan des Bouvrie, ‘maar dan wil ik hier wel de vrije hand. De zaal zal gedurende drie maanden door niemand betreden mogen worden.’

‘En dan?’ vroeg koning Willem-Alexander.

‘Dan zal de troon fantastisch zijn, niemand zal durven beweren dat het niets is.’

‘Akkoord,’ zei de koning en hij verliet de troonzaal.

Drie maanden later kwam de koning terug. Hij keek rond en zag dat de muren leeg en wit waren. Was hij beetgenomen? Zag hij iets niet wat er wel was? De kunstenaar had gezegd dat niemand kon zeggen dat het niets was.

‘Vertelt u er eens wat meer over,’ vroeg de koning.

‘Dit zal geen tijd sparen,’ zei Jan des Bouvrie, ‘maar nog eenmaal de kamer wit maken, nu, nooit meer later en dat wij dan bijna het volmaakte napraten, alsof het gedrukt staat, witter dan leesbaar.’

De koning wist niet wat hij hoorde. Hij begreep er niets van.

‘Dank u wel, dank u wel,’ onderbrak koning Willem-Alexander de kunstenaar, ‘ik weet genoeg. U kunt uw rekening indienen bij koninklijke rekenkamer.’

De koning ging weer op troon zitten, enigszins tevreden keek hij rond.

 

This entry was posted in Geen categorie and tagged . Bookmark the permalink.

Comments are closed.